Geen boom is makkelijker te stekken dan een wilg. (tekst en foto: Stichting BuitenZinnig)
Geen boom is makkelijker te stekken dan een wilg. (tekst en foto: Stichting BuitenZinnig) (Foto: )

Voor de ProefTuin is de wilg een welkome vriend

Dordrecht - Er is een tijd geweest waarin boeren in zichzelf voorzagen. Niet alleen hadden zij vee of deden zij aan akkerbouw, ook zetten zij bomen op het terrein waarvan zij het hout kon aanwenden. Als brandhout, als materiaal om bijl- en bezemstelen van te maken en als verbindingsmateriaal.

Voor die laatste toepassing leent zich wilgenhout uitstekend. Geen boom is makkelijker te stekken dan een wilg; men steekt een paar tenen (de takken) in de grond en naar verloop van tijd groeit er een nieuwe boom uit. Deze bomen worden vervolgens geknot, de takken worden tot aan de kruin verwijderd waardoor er een knotvormige bovenkant ontstaat, en de tenen dienen allerlei vormen van nut.

Het is op eenzelfde wijze dat stichting BuitenZinnig gebruik maakt van de wilgen in ProefTuin BuitenZinnig. Van kleine takjes wordt een zogeheten takkenril gemaakt. Een takkenril is feitelijk een soort haag, gemaakt van opgestapeld of gevlochten dood hout. De ril dient als veilige haven voor allerlei kleine dieren, planten en schimmels. Bovendien werkt de takkenril geluiddempend en verhoogt zij de esthetische waarde van, in dit geval, de ProefTuin.

De wilgentenen die we thans oogsten in ProefTuin BuitenZinnig hebben nog een andere bestemming. We plannen de komst van een joert (een van oorsprong Mongoolse nomadentent). Deze willen we laten vervaardigen van onder andere strobalen, kalk en leem. Het zijn wilgentenen die dienen als keg (houten wig) waarmee we de strobalen aan elkaar vastmaken en zekeren. In feit mogen we gebruik maken van elke knotwilg op het terrein. Dit levert ons heel wat wilgentenen op.

Het heeft iets nostalgisch en kent ook zeker in deze moderne tijd waarde, om zo veel mogelijk zelf voor materiaal te zorgen. Het geeft een gevoel van voldoening na arbeid. Wie ergens hard voor werkt, plukt er uiteindelijk de vruchten van en gaandeweg het proces worden er wijze lessen geleerd.

Er is nog een leuke bijkomstigheid van de aanwezigheid van wilgen op het terrein. Alhoewel de wilg zelf geen voedselboom is, geniet de boom de voorkeur van een van de allerlekkerste zwammen in ons land: de zwavelzwam. Deze delicatesse, ook wel boskip genaamd is nog niet in de ProefTuin gesignaleerd, maar dat neemt niet weg dat zij zeer welkom is. De zwam is wel veelvuldig aanwezig op het eiland van Dordrecht en het zou toch wat zijn als zij ook hier de kop op zou steken. Niet enkel is zij erg lekker en weinig bitter als zij juist op wilg groeit; ze is tevens een ware lust voor het oog. De wilg is welkome vriend..

(tekst en foto: Stichting BuitenZinnig)

Meer berichten




Shopbox